Overlevers, lezers, kinderen…. Een aantal van hen zet hun ervaringen om in woorden. Soms als gedicht, soms als verhaal. Hieronder plaatsen we inzendingen van gedichten en verhalen van kinderen en volwassenen. Van U.
U vindt hier ook de gedichten die tijdens de estafettemars tegen kindermishandeling van 2008 zijn voorgedragen.
Wilt u uw verhaal of gedicht met de wereld delen? Stuurt u uw gedicht dan naar ons op via ons contactformulier, en vermeldt daarbij ook of wij uw naam wel of niet bij uw gedicht mogen vermelden.
Je herkent ze vast wel in je omgeving, van die kinderen die altijd precies je stemming op weten te pikken, vaak al voor je zelf door hebt dat je stemming omslaat. Die precies aan lijken te voelen of je geïrriteerd raakt, verdrietig bent, boos wordt, of juist vrolijk. Het zijn hele fijne leerlingen om in de klas te hebben toch?
Ze houden altijd rekening met je stemming, ze luisteren goed in de klas,
zijn attent en tegen de tijd dat je boos gaat worden, zijn ze muisstil en merk je bijna niet dat ze nog in de klas zitten. Ze doen hun uiterste best om er
voor te zorgen dat je toch niet boos wordt.
Het zijn hele fijne buurkinderen, die zich altijd goed lijken te gedragen als ze
bij je komen spelen. Fantastische neefjes en nichtjes, waar je nou totaal
geen last van hebt als ze eens een keertje komen logeren.
Natuurtalentjes?
Ik denk het niet, eigenlijk weet ik wel zeker dat een groot aantal dat niet zijn.
Voor deze kinderen is het heel hard nodig om een veranderende stemming goed op te kunnen pikken.
Ze leven in een situatie waarbij het veranderen van een stemming levens bedreigend kan zijn. Ze leven in een thuis situatie waarin het veranderen van de stemming van één van de ouders zware mishandeling van het kind kan betekenen. Ze leren dus al heel jong alert te zijn op signalen die er op wijzen dat er iets staat te veranderen. Alle mogelijke lichaamstaal wordt opgeslagen en gelezen al voordat een stemming daadwerkelijk omgeslagen is,
zodat ze snel kunnen anticiperen op een veranderende situatie.
Om die alertheid effectief in te kunnen zetten, zijn deze kinderen gedwongen
om het zichzelf eigen te maken. Het wordt dus een onderdeel van hun “zijn”,
waardoor je daar als leerkracht, ouder van vriendje of vriendinnetje, familielid of andere omstander profijt van hebt.
Misschien komt er ooit een tijd waarin werkelijk iedereen erbij stil durft te staan waar dat alerte, attente gedrag vandaan komt waar je als leerkracht of andere betrokkene zoveel profijt van hebt.
Natuurlijk zitten er ook “natuurtalentjes” tussen, welopgevoede kinderen, die van hun ouders nog redelijk ouderwetse normen en waarden meekrijgen.
Maar vlak het aantal “gedwongen talenten” niet uit. Die kinderen die sociaal anticiperend gedrag nodig hebben om thuis te kunnen overleven, de hel waarin ze 24 uur per dag, 7 dagen per week bezig zijn om zich af te vragen
of ze het deze keer dan eens niet zullen overleven.
Durf je die kinderen te zien?
Ze te herkennen?
En belangrijker: Durf je deze kinderen te erkennen?